
Toelatingsvoorwaarden
Voor de opleidingen binnen het secundair volwassenenonderwijs kan iedereen inschrijven die voldaan heeft aan de voltijdse leerplicht. Dit betekent dat je op het ogenblik van de inschrijving 16 jaar bent of 15 jaar en de twee eerste leerjaren van het voltijds secundair onderwijs hebt gevolgd.
Voor de opleidingen binnen het studiegebied Personenzorg moet je tenminste 18 jaar zijn (of 18 worden in het semester waarvoor je inschrijft). Voor het bepalen van deze leeftijdsgrens baseren wij ons op de vereiste maturiteit en verantwoordelijkheden nodig voor het volgen van de opleiding én in het bijzonder voor de praktijk in het werkveld.
Voor de opleiding kinderzorg/begeleider in de buitenschoolse kinderopvang kan je inschrijven, als je beschikt over een attest waarin je huisarts verklaart dat je medisch geschikt bent om te werken als begeleider in de kinderopvang.
Voor de opleiding Algemene Vorming kan iedereen inschrijven die voldaan heeft aan de deeltijdse leerplicht. Dit betekent dat je op het ogenblik van de inschrijving 18 jaar bent. Indien de inschrijving plaatsvindt tussen 1 september en 31 december, dan moet je 18 worden ten laatste op 31 december van hetzelfde kalenderjaar.
Bij het inschrijven voor bepaalde opleidingen van het secundair volwassenenonderwijs worden instapgesprekken gehouden, en toetsen afgenomen. Zij geven niet alleen ons, maar ook jou de kans om te kijken of deze opleiding wel iets voor jou is. We verwijzen hiervoor naar de specifieke informatiebrochures van de opleidingen.
Voor de opleidingen binnen het hoger beroepsonderwijs kan je inschrijven als je 18 jaar bent, of – indien de inschrijving plaatsvindt tussen 1 september en 31 december – als je 18 jaar wordt ten laatste op 31 december van datzelfde kalenderjaar, én als je beschikt over één van de volgende studiebewijzen:
- een diploma van secundair onderwijs
- een certificaat van een opleiding van het secundair volwassenenonderwijs (of secundair onderwijs voor sociale promotie) van minimum 900 lestijden
- een diploma van het hoger beroepsonderwijs (of hoger onderwijs voor sociale promotie)
- een diploma van bachelor (of diploma van het hoger onderwijs van het korte type met volledig leerplan)
- een diploma van master (of diploma van hoger onderwijs van het lange type met volledig leerplan of diploma van licentiaat)
- een studiebewijs dat wordt erkend als gelijkwaardig met een van de reeds opgesomde studiebewijzen.
Heb je geen van bovenstaande studiebewijzen, dan kan je starten als je slaagt voor een toelatingsproef.
Bij bepaalde opleidingen van het hoger beroepsonderwijs worden ook instapgesprekken gehouden. Dit instapgesprek peilt naar de motivatie, geschiktheid, eventuele problemen om de opleiding te volgen. Kandidaat-cursisten die een getuigschrift of diploma beroepssecundair onderwijs hebben, of een niet-Nederlandstalig diploma, of die het Nederlands niet als thuistaal hebben, raden we ten stelligste aan om deel te nemen aan de taaltoets die peilt naar het niveau van academisch Nederlands.
Bij de aanvang van een opleiding van het hoger beroepsonderwijs (behalve de opleidingen van Balans) wordt ook de computervaardigheid getoetst. Indien nodig werk je jezelf hierin bij via zelfstudie, of via het volgen van een korte initiatiecursus.
.
(deze informatie is afkomstig uit het Centrumreglement (pdf, 276Kb) )
